Korte oefening "Kwaliteitscriteria formuleren"

Om kwaliteit te kunnen bewaken moet je criteria hebben.
Stel dat je lid bent van de studievereniging en jij hebt de taak een discussienota op te stellen over de kwaliteit van het onderwijs. Kwaliteit kun je pas meten als je criteria hebt waaraan een goed product, in dit geval het onderwijs, zou moeten voldoen.

Stel aan de hand van de volgende punten de kwaliteitscriteria voor onderwijs vast.

  1. Ga na wat de studievereniging onder ‘goed onderwijs’ verstaat.
    Is dat onderwijs dat leuk is en motiverend, of onderwijs dat de nieuwste ontwikkelingen in het vakgebied omvat, voorbereidt op de arbeidsmarkt en een goed beeld geeft van het beroepenveld?
  2. Vertaal de definities van ‘goed onderwijs’ in stellingen
    Bijvoorbeeld: de opvatting ‘Goed onderwijs bereidt studenten voor op de arbeidsmarkt' kan omgezet worden in de volgende stellingen:
    • Er wordt regelmatig gebruik gemaakt van gastsprekers uit het bedrijfsleven
    • Docenten gebruiken regelmatig voorbeelden uit het bedrijfsleven
    • In het curriculum is voldoende ruimte voor stages
  3. Orden alle stellingen en verwijder dubbele stellingen
  4. Voorzie de stellingen van een antwoordschaal
  5. Bepaal het criterium ‘goed’/’slecht’
    Bijv. als uit een schriftelijke evaluatie blijkt dat studenten een bepaalde vraag met een 5-puntsschaal (1=mee eens, 2= beetje mee eens, 3=neutraal, 4=beetje mee oneens, 5=mee oneens) beantwoorden met een gemiddelde van 3,75 of hoger, dan zeggen we dat de kwaliteit op dit punt NIET voldoet aan de eisen en dat er maatregelen getroffen moeten worden.

Op deze manier heb je een instrument ontwikkeld om de kwaliteit van onderwijs te meten. Je kunt op basis van deze criteria een evaluatieformulier ontwikkelen en het onderwijs doorlichten. Op die manier kun je vervolgens gegevens verzamelen voor een onderwijsverslag.